Delfshaven, een historische wijk in Rotterdam, heeft een rijke geschiedenis van bruggen en sluizen die teruggaat tot de 14e eeuw, toen de haven werd gesticht om Delft toegang tot de zee te geven. De bruggen waren essentieel voor scheepvaart en handel, vaak gecombineerd met sluizen in de Schielands Hoge Zeedijk. Vroege bruggen, zoals die bij de Aelbrechtskolk, hadden een karakteristieke “kattenrug” door de boogvormige tunnels voor schepen. In de 19e eeuw werden houten bruggen vervangen door ijzeren, zoals de Piet Heynsbrug (1873), die sterker waren en minder onderhoud nodig hadden. Dubbele bruggen met een knik in het midden maakten plaats voor enkelvoudige kleppen, wat het verkeer, inclusief trams, vergemakkelijkte.
Belangrijke bruggen zijn de Lage Erfbrug, met een hergebruikt brugwachtershuisje dat nu een kiosk en informatiepunt is, en de VOC-brug, een dubbele ophaalbrug ontworpen voor toerisme in het VOC/AKZO-project. De Spoorbrug Delfshavense Schie, een stalen ophaalbrug uit 1994, won de Nationale Staalprijs en wordt ’s nachts bediend om treinverkeer te ontzien. Bruggen zoals de Achterhavenbrug en Jonkerbrug ondersteunen langzaam verkeer en hebben esthetische ontwerpen, passend bij het historische karakter van Delfshaven.
De ontwikkeling van bruggen weerspiegelt de sociaaleconomische groei van Delfshaven, met restauraties (bijvoorbeeld de kademuren en Piet Heynsbrug in 1999-2001) die het historische erfgoed behouden. Informatie van Jan Hilker en het Genootschap Historisch Delfs Haven biedt waardevolle inzichten in deze geschiedenis. Delfshaven blijft een toeristische trekpleister, mede dankzij deze goed bewaarde en functionele bruggen.

Parksluizen-complex 1961

Parksluizen 1930

Parksluizen 1931-05-27 Bouw

Parksluizen 1932

Parksluizen 1932-12


Parksluizen 1950 Omgeving

Coolhaven 1951 Parksluizen

Parksluizen 1952

Parksluizen 1963

Parksluizen 1978 Binnenvaart in kleine sluis

Parksluizen 1990

Parksluis Parkhaven

Parksluizen met de Puntegaalstraat